Dag 30 – naar C3

Het duurt altijd te lang voordat het zonnetje op je tent komt in kamp 2. Het is al vanaf 4.30 licht aan het worden en als het dan volop licht is denk je elk moment nu komt de zon over de berg. Maar als je dan op je horloge kijkt blijkt het vak nog een uur te duren. Pas om 7.35 uur bereiken de eerste zonnestralen onze tent. Dan gaat het eerst even regenen in de tent van de rijp die aan de binnenkant ontdooit. Cas steekt de brander aan. Eerst een kopje thee wat op hoogte nooit echt smaakt maar het is vocht. Daarna ons perfecte Teff ontbijtje met alles erop en eraan. Teff is een soort havermout maar dan fijner en de energie eruit verbrand je langzamer. Bovendien bevat het allerlei noten en andere essentiΓ«le bestanddelen. Er zit al melkpoeder in en je hoeft nauwelijks te kauwen en zeer licht verteerbaar. Daarna maken we ons klaar voor de lange klim naar kamp 3. We zouden ons donspak wel willen aan trekken dat scheelt 2 kg gewicht in de rugzak maar het is te warm. Dus Gore-tex broek maar weer aan en donspak in de rugzak. Meestal moet ik nog voor het ontbijt de tent uit en mijn grote behoefte doen. Niet het leukste karweitje vanuit je warme slaapzak maar het lucht wel op. Cas daar en tegen moet altijd later en ruim na het ontbijt. Zodra Cas echter geweest is komt hij met teleurstelling terug en geeft aan net door zijn rug te zijn gegaan. Vreselijk! Precies op het moment dat we het echt niet kunnen gebruiken. We weten dat zijn rug een zwakke plek is en dat te lang liggen in zo’n tent funnest is. Maar op je knieΓ«n zitten in zo’n tent is ook niks. Wat te doen? Cas geeft aan zijn rug nu 20 min te moeten ontspannen. Dat gaat niet van zelf. Cas neemt 2 ontspaningspillen en probeert te ontspannen. Ik zit radeloos voor de tent. Ik zie alle klimmers stuk voor stuk vertrekken en mijn hersenen draaien op volle toeren. Wat is wijsheid. Cas nu met zo’n zware rugzak te laten sjouwen is geen optie. Als ik Marco met zijn Sherpa Nurri voorbij zie lopen roep ik nog Nurri. Ik hoop dat hij een oplossing weet. Misschien een Sherpa die Cas zijn rugzak kan overnemen. Nurri kijkt nog om maar is al te ver weg. Wat zijn de scenario’s. Een dag wachten? Zou dat genoeg zijn? Afscheid en zelf naar kamp 3. Of zelf ook weer met Cas naar beneden. Ik weet het echt niet. Na zo’n 15 tot 20 min wil Cas het toch proberen. Hij voelt niks meer geeft hij aan. Uiteraard door de medicatie. Het is ongelofelijk maar Cas kruipt de tent uit, trekt zijn klimharnas aan, daarna zijn stijgijzers. Dan pakt hij zijn rugzak en denk ik nog o jee. Maar het lijkt te lukken. Voetje voor voetje gaat Cas voorop richting kamp 3. De eerste paar honderd meter is nog relatief vlak en lijkt het te gaan. Maar na 15/20 minuten en een paar keer te zijn gestopt zien we in dat het gekkenwerk is. Cas voelt zijn benen bibberen. We hakken de knoop door. Cas gaat terug naar kamp 2. Daar eerst een paar uur slapen. Kijken hoe dat gaat. Ik ga naar kamp 3. Het is nog lang geen gelopen race. Er komen nog mogelijkheden genoeg. We hebben nog een maand de tijd. Maar hard en moeilijk is het wel. Met tranen in mijn ogen neem ik afscheid. Het zit ons ook niet mee. Er spookt van alles door mijn hoofd. In 2018 keerde ik met Cas om tijdens de toppoging omdat hij zich te slap voelde en waarschijnlijk iets in zijn bloed niet okee was. We willen zo graag deze klus klaren met zijn 2-en. Samen op de top van de Kanchenjunga als de ultieme viering van onze decenia jarenlange vriendschap. Betekend dit het einde van deze droom? Ineens is alles anders. Vannacht lig ik alleen in kamp 3, daarna alleen naar kamp 4. En dan alleen zonder extra zuurstof naar de top? Ik probeer me te concentreren op mijn klimmen. Stap voor stap hoger. Ik haal de laatste klimmers in die wel heel langzaam omhoog gaan met veel lichtere rugzakken. Dat geeft me weer wat vertrouwen. Inmiddels is het mistig geworden en sneeuwt het licht. Gelukkig is de route bekend naar kamp 3. Het laatste stuk is steil en tussen seracs door en na een slinger in de wand kom ik boven bij kamp 3. Er staan niet veel tenten. Die van ons gelukkig wel. De enige The North Face tent want inmiddels is het enige merk wat je hier nog ziet het Chinese merk Kailash. Vernoemd naar de heilige berg. Hoe sarcastisch. De Pay off luid: made to climb. Tenten, donspakken, (hand)schoenen, mutsen, broeken, slaapzakken, alles wat je maar kunt bedenken. En de prijs doet niet onder voor de Europese/Amerikaanse prijzen.
Als ik bij ons tentje aankom zie ik dat een Sherpa hem al stiekem probeerde te confeskeren. Zijn rugzak ligt eral in en verschillende materialen. Ik kruip heel brutaal mijn eigen tent in en rol de spullen naar 1 kant. Snel komt de Sherpa naar me toe om aan te geven dat het zijn rugzak etc is. Ik geef nonchalant aan dat het geen probleem is maar het wel onze tent is. Even later haalt hij zijn spullen op en verhuisd het naar een andere tent. Als ik de brander heb aangestoken en een soepje maak vraag ik Marco of hij het al gehoord heeft dat Cas niet naar boven kon komen vanwege rugproblemen. Maar hij is te druk bezig met het verplaatsen van hun tent omdat die helemaal scheef gezakt is door de warmte in de tent. Ik roep nog naar Nurri dat het okee is dat er een Sherpa bij mij in de tent kan omdat ik toch alleen lig. Dat scheelt weer 2 personen in een tent in plaats van 3. Dan roept Nurri dat Cas via de radio heeft aangegeven toch omhoog te komen. Ik kan mijn oren niet geloven. Ik spoed me naar de tent van Marco en Nurri en neem zelf contact op met Cas ver beneden. Hij geeft aan een paar uur geslapen te hebben met extra medicatie en nu heel rustig maar gestaag omhoog klimt. Hij heeft zelfs al uiterst trage klimmers ingehaald. Ik krijg weer tranen in mijn ogen. Wat een bikkel ben je toch! Wat een doorzetter. Maar van complimenten is Cas niet gediend. Ja, ja zegt hij over en uit. Wat ben ik blij, het team toch weer verenigd. Uren later komt Cas voor het donker binnen. Hij is opgewekt en verteld dat de pillen zijn werk goed doen. Nu is het een questie van ontspannen slapen en kijken hoe het morgen verder gaat. We drinken weer soep, eten te spicy noedels, vullen de drinkflessen met warm water en gaan in onze donspakken en speciale voeten slaapzak proberen te slapen. Het is koud.