Dag 43

Vanochtend staan we weer klaar voor de heli. Maar geen heli. Cas en ik zijn het helemaal zat. We vragen een update aan Nurri en hij verteld dat het er slecht uit ziet. In Kathmandu regent het al meer dan 48 uur. Tussen Mount Everest en Lukla heel veel problemen. Er schijnen 300 mensen in Lukla op vluchten naar Kathmandu te wachten. Wij weten genoeg. We geven aan dat wij willen gaan lopen. Het is een klote tocht maar dan maar een vette dag afzien en niet weer een afwachtende dag in BC. Tot onze verbazing vindt Nurri het een goed idee. We kennen de de weg zeggen we nog uit 2018. We pakken onze dagtourrugzaken, regenjas, wat eten, drinken, slaapzak, sat phone, Inreach GPS, kaart en we vertrekken. Plots gaat onze Sherpa Dawa ook met ons mee. De rest van het team ziet het niet zitten en blijft wachten op de heli. Ook Lolo. Hij zegt te veel last van zijn geamputeerde tenen te hebben. Het is bewolkt maar best goed weer. We verlaten het BC achter de keukentent en beginnen gelijk aan de steile afdaling. Deze wordt zelfs met touwen verzekerd zo steil is deze in het begin. Ik begin veel te fanatiek waardoor ik mijn knie begin te voelen. Oeps denk ik als dit doorzet heb ik een mega groot probleem. Ik probeer de knie te ontlasten en het rustiger aan te doen. Als we het meest steile stuk achter de rug hebben dalen we af via een steile morene berg. Half glijdend en met rollende stenen komen we veilig beneden. Nu begint de ellen lange afdaling via de stenen en de oneindige gletsjer. In 2018 waren we net voor het donder binnen in Ramche. Maar dat is nu oneindig ver weg. Het probleem is dat de route elke dag veranderd waardoor het elke keer opnieuw zoeken is naar de meest ‘snelle’ route door de gletsjer. Soms blokkeren enorme ijsmuren je de weg. Dan moet er links of rechts omheen. Dat valt niet altijd mee. Het eerste stuk is Dawa nog bij ons en kent de route enigszins maar als plots zijn snellere Sherpa vriendje ons inhaalt gaat ook Dawa er als een haas vandoor. Precies op een stuk dat het moeilijk en lastig is om een weg te zoeken. Achter ons aan komt een oudere langzamere Sherpa die zich optrekt aan ons. Een enorme ijsmassa in de vorm van een muur blokkeert ons de weg. Wat te doen links of rechts erom. Maar aan beide kanten ziet het er ongunstig uit. Er midden door proberen te komen? We kiezen voor het laatste met het risico in een smeltende waterbeek onderaan in het midden van de gletsjer te komen. Maar lukt om over het water te komen en via enorme stenen weer naar de bovenkant van de gletsjer. Als we na uren spoorzoeken steeds een deel verder afdalen richting dal op de gletsjer hebben we het gevoel dat we het best goed doen. Je probeert zoveel mogelijk midden op de gletsjer te blijven want aan de randen is het het gevaarlijkst ivm steenslag van de enorme hellingen van de zijkanten van boven. Toch kiezen we uiteindelijk in een binnenbocht van de gletsjer om juist aan de zijkant het meest op te schieten. Daar liggen er eigenlijk alleen maar enorme keien van de hellingen en de zijmorenen van de gletsjer. Grote gevaar is de steenslag van boven. En even wegspringen terwijl je je op het diepste punt bevindt is er ook niet bij. We kijken zo goed mogelijk uit en proberen zo snel als mogelijk dit stuk te overbruggen. Dat gaat eigenlijk super goed. Totdat we aan de overkant van de gigantische gletsjer de eerste begroeide hellingen zien. Dat is de begroeide morenen rug naar de bewoonde wereld. We moeten dus terug de gletsjer op en deze in de breedte schuin oversteken. We zijn inmiddels ook flink moe en besluiten op het midden van de gletsjer een pauze in te laten. We kloppen de steentje uit de schoenen, eten de chiapatti die we van de kok hebben meegekregen en drinken wat. Daarna kijken we naar de enorme morene helling en we denken te zien waar we erop moeten. Er lijkt midden op de morenehelling een stok te staan als een soort wegwijzer bij een enorme rots. Vlakbij een heilige boeddhistische Chorten genaamd Oktang rond de 4730m. We vervolgen onze weg maar als we dicht genoeg bij de enorme steile morenen helling staan zien we een duidelijk vlaggetje onderaan de helling maar nergens iets op de helling. Ik zet zelfs mijn bril er voorop en ook Cas tuurt mee maar niks te zien. Toch besluiten we hier omhoog te gaan want één ding weten we zeker. We moeten vroeg of laat die helling op. We beklimming hem op een stuk waarop deze volgens ons goed te doen is. En even later na wat steil klauter werk komen we boven in het soort terrein wat we herkennen. Een soort heide met prachtige paarden bloempjes en je ruikt het groen en leven heerlijk. Als we een soort van wild pad volgend loopt deze plots dood en staan we voor een enorme afgrond. We snappen er niks van. Het is een onoverbrugbare afgrond. Wat blijkt als de mist wat optrekt is dat het een uitloper van een andere enorme gletsjer is. Totaal verdwaasd pakken we de kaart erbij en kijken op welke hoogte we zitten. We zitten nog boven de 4800m dus te hoog voor Oktang. Dan zien we wat we over het hoofd hebben gezien. Wee zijn te vroeg de morenenrug opgeklommen en deze wordt nog onderbroken door een andere gletsjer die deze onderbreekt. Shit! Dat betekend dat we weer helemaal naar beneden moeten naar de gletsjer. Dan de gletsjer nog veel verder volgen en dan weer die morenenheling ergens op dit keer wel uitkomen in Oktang waar de boeddhistische plek is. Daar moeten heel veel gebedsvlaggen hangen. Terug naar het begin waar we de helling beklommen hebben zou het veiligst zijn. Maar dat kost veel extra tijd. Ik stel voor zomaar ergens in de steile steenslaggoten af te dalen. Cas zegt nog dat dit te link is. Maar als we een goot rechts van ons zien die weliswaar steil is maar te doen lijkt twijfelen we geen moment. Cas notabene op zijn gympies en ik op mijn trekkingschoenen gaan we 1 voor 1 na elkaar door de steile goot naar beneden. We hebben ook de oudere Sherpa net ver beneden op de gletsjer voorbij zien komen dus we weten dat we daarnaar toe moeten. Wat een blunder en dit kost tijd. Zullen we vandaag voor de schemer Ramche nog wel halen. We we dachten dat we zo lekker gingen. Afijn als we weer na ons hachelijke avontuur terug op de gletsjer zijn en de gletsjer vervolgen zien we meerdere van die oranje vlaggetjes waarvan wij dachten dat dit een aanwijzing was om de morenenheling te beklimmen. Tja achteraf is het altijd makkelijk lullen. In de verte zien we nu de morenehelling voorbij de zijgletsjer die we nog voor voorbij moeten. Wat een kolere eind nog. Laten we ons vooral niet afleiden en weer flink aan de bak doorbuffelen. Want we hebben allebei weinig zin om met de slaapzak vannacht hier ergens op de gletsjer te moeten overnachten zonder slaapmat. Na weer enige uren zien we dan eindelijk de goede plek waar de morenenheling te beklimmen en uit te komen bij de gebedsvlaggetjes bovenop bij Oktang . Als van automatisch geraakt je daar. Bovenaan de helling herkennen we het als vanouds. Hier loopt er een duidelijk pad helemaal van Ramche naar deze heilige Chorten. Opgelucht niet op de gletsjer te hoeven slapen en wetende dat we Ramche gaan halen genieten we weer van onze beslissing. Blij dat we een stukje dichter bij de bewoonde wereld zijn. Als we de meer open vlaktes bereiken zien en horen we de eerste yaks. Ze kunnen nu hogerop grazen en wat blijven het een prachte oerbeesten. Tegen 17.30u loopt ik Ramche binnen. Het is niet meer dan 3 hutjes. Eigenlijk 1 hutje waar gewoond wordt tijdens de zomer en 2 slaapvertrekken voor trekkers. We nemen er een black thee en als Cas ook is gearriveerd overleggen we wat te doen. Hier blijven slapen of doorlopen naar Cheram. Eigenlijk zijn we best moe en in het donker straks lopen naar Cheram is ook niet echt relaxed. We bestellen Dahl Bath, rijst met wat Linzen en een gebakken ei. Daarna gaan we naar onze ijskoude hut maar wel met 2 hele dikke helaas wat vochtige dekens. Het is trouwens precies hetzelfde hutje waar we in 2018 op de terugweg ook hebben gelegen.